• Weesgegroetjes en een paar stevige Onze Vaders

    Maratona dles Dolomites

Verkeersinformatie, zondag 2 juli 2017, 6:30u. Op de Passo de Campolongo in de Dolomieten is er sprake van langzaam rijdend en soms stilstaand verkeer. Fietsverkeer welteverstaan. Zo’n 10.000 racefietsers vangen de Maratona dles Domolites, de Dolomietenmarathon aan.

Floris van Overveld

Cycling is a way of life

Blogs van Floris van Overveld

Daartussen ik.

Ik ben niet de meest behendige peloton rijder, maar de koersjes die ik af en toe rijd, komen nu van pas. Langs de linkerkant laverend baan ik me een weg door de file, want mijn tempo is hoger dan degenen om mij heen. Leer een Amsterdammer door druk fietsverkeer heen bewegen. Ik krijg veel lessen in Italiaanse scheldwoorden, hoewel ik mijn komst steevast aankondig met een vriendelijk ‘sinistra’ (‘op links’) of ‘scusi’. Het zal de kift zijn. De lessen zijn overigens niet aan me besteed, want de inspanning heeft mijn geheugenfunctie uitgeschakeld.

Inhaalrace

De inhaalrace heeft te maken met het startsysteem van de Maratona. De 10.000 deelnemers worden ingedeeld in startvakken, gebaseerd op een eerder gereden tijd. Aangezien ik een Maratona-maagd ben, mag ik dus aansluiten in het laatste startvak. Daarin sta ik dan wel weer vooraan, maar nog steeds zijn er duizenden en duizenden fietsers voor me. Dat vooraan staan vereiste overigens wel dat ik om 5:30 aan de start stond. Matineus ochtendje dus, ook voor mijn lief, die me moed inpraat en het meegenomen winterjack voor de koers in ontvangst neemt.

Het bontgekleurde lint slingert zich de Campolongo op. Een prachtig gezicht. Ondertussen heb ik het nog niet heel warm. Dus ik heb geen spijt van mijn keuze lange handschoenen aan te doen, vooral vanwege de naderende afdaling.

In die afdaling staat een vriendelijke man in gedateerd bruin uniform met een vlag iets aan te geven. Dat iets blijkt een weggefreesd stuk wegdek te zijn waar ik vol in rijd. Gelukkig zonder erg. We slingeren ons naar Arraba. Nog steeds is het uitkijken, want om me heen doen mensen soms gekke dingen in bochten.

Dan voordat we er erg in hebben het begin van de Pordoi. Nog steeds filerijden, met een tikje meer ruimte nu. Mijn grote inhaalrace zet zich voort. Weer dat eindeloze lint met rijke kleurschakeringen dat zich wentelt door de majestueuze rotsmassieven van de Dolomieten. Genieten.

Angelo

Op de rugnummers prijken de namen en nationaliteiten van de deelnemers. Dat leest als een verhaal. Duizenden namen met hun eigen reden om deze tocht te fietsen. Een naam zal me de hele dag bijblijven: Angelo Celestini. Engel der hemelen. Zo mag alleen een Italiaan heten. Hoe dan ook hoort hij thuis in dit decor. Het is echter koers dus ik laat hem genadeloos achter.

Na de Pordoi volgt snel het volgende weesgegroetje uit de rozenkrans. De Sella. Koud geworden in de afdaling snijdt die meteen mijn benen af. Het loopt niet, ik worstel. Een blik op mijn Garmin vertelt me dat we ook tegen 10% klimmen dus nu snap ik de worstelpartij. Na een korte afdaling het volgende weesgegroetje, de Gardena. Die loopt gelukkig weer wat beter, al krijgen we wat verdwaalde regendruppels te verwerken die bij temperaturen rond de 5 graden niet meteen heel aangenaam zijn. Onderweg groet ik Tessa, mede-Gaulist die ik tegenkom.

Rayonhoofden

Het is koud. Om iedere bocht verwacht ik een rayonhoofd te zien. De handschoenen blijven aan, de mouwstukken ook en het windjack gaat slechts af en toe open. We dalen de Gardena af en ondertussen probeer ik wat te eten. Boven heb ik een hele reep in mijn mond gepropt. Note to self: niet meer doen. Ergens in de Dolomieten ligt nu een halve deels gekauwde reep.

We draaien weer de Campolongo op, die bijna onherkenbaar is zonder de file die eerste beklimming de hele weg in beslag nam. Halverwege staat mijn lief die me voorziet van nieuw drinken en nieuwe moed. Nog steeds is mijn tempo hoger dan het gros van de mensen om me heen. Op driekwart zie ik een Gaul! shirt langs de kant. Een snelle groet en door!

Dan weer naar beneden en nu weet ik wat dat mannetje in zijn bruine uniform –hij staat er nog steeds trouw met zijn vlag- daar doet. Ik hou mijn fiets dit keer in veilig geasfalteerd vaarwater.

Trein

Ik kom in het langzaam aflopende tussenstuk naar het piece de résistance van vandaag. Het is fijn als je hier in een groep zit om krachten te sparen. Echter, er zit een groep iets voor me die naar mijn smaak veel te langzaam rijdt. Dan maar er voorbij en me op kop nestelen in de hoop ze wakker te schudden. Dat lukt maar ten dele, want er is slechts een iemand die het kopwerk met me wil delen. Hopen dat dit aflaten oplevert.

Dan na een kort klimmetje weer een dalend stuk naar de voet van de Giau. Als de beklimmingen tot nu toe weesgegroetjes waren, dan is de Giau twee Onze Vaders achter elkaar. Negen kilometer aan meer dan 9% gemiddeld. Ik pak een ritme, wat me niet eens heel ontevreden stemt. Het wordt moeilijk de vermogens te trappen die ik wil leveren, maar ik rijd nog steeds het gros voorbij, dus zo slecht zal het niet gaan.

Giau

De Giau eet me wel langzaam leeg. Negen kilometer klimmen op die percentages is lang. Gelukkig blijk ik het bordje ‘4,5 km tot de top’ gemist te hebben en ineens is het nog maar 3,5 kilometer. Dat geeft moraal.

We rijden een tunnel in. Tegen de wanden weergalmt het gehijg en het zoemen van fietsen. Verder zwijgt iedereen. Het klinkt als het ingehouden gefluister in een kathedraal. Een eredienst aan de racefiets en de Dolomieten.

Dan de top. Ik besluit wat te eten en tot mijn spijt hoor ik naast me een paar Nederlanders zeggen dat we nog maar anderhalf uur hebben om binnen de zes uur binnen te zijn. Mijn streeftijd. Tot mijn spijt omdat ik bewust de tijd niet in beeld heb op mijn fietscomputer om me niet op te laten jutten. Nu toch dat ongewilde nieuws.

Sloten

Ik stort me in de afdaling. In een bocht maak ik de fout door te veel bezig te zijn met remmen en niet met insturen. Het loopt goed af. Snel vergeten. Iemand van de ploeg Ton Scholten, welbekend van de koersjes op Sloten en Spaarnwoude komt me voorbij. Ik pak zijn wiel. We dalen samen snel af langs mooie lijnen. Beneden voegt hij me toe: “Toch anders dan op Sloten he?” Mijn antwoord: “Zijn daar bochten dan?”

Dan de laatste klim van importantie, de Falzarego die doorloopt in de Valparola. Zeer bekend van eerdere fietsvakanties, al zijn die ook al weer negen jaar en langer geleden. In de afdaling had ik af en toe wat kramp, dus ik mik er nog een gel in.

De scherpte is er wel af, dat wil zeggen, er is totaal geen sprake meer van iets dat op scherpte lijkt. Ik pak wel een gestaag tempo en maal de kilometers naar de top weg. Nog steeds haal ik mensen in. Al zijn er nu ook groepjes die mij het nakijken geven. Ik dwing mezelf te drinken om de kramp tegen te gaan. De Falzarego en dan rechtsaf het laatste stuk naar de Valparola. Weer de rotspracht. Nu sta ik mezelf toe naar mijn tijd te kijken: 5:31. Ik reken uit dat ik een half uur nodig heb voor het laatste stuk, dus dat wordt een krappertje voor zes uur.

Ik stort me in de afdaling, dat gevoel heb ik inmiddels weer goed te pakken, dus soepel slalom ik om langzamere renners heen, veelal deelnemers van een kortere afstand. Af en toe weer tekenen van kramp. Ai, we moeten zo nog een kuitenbijter van 19% op. Dat wordt wat. In de iets vlakkere stukken weer drinken dus.

Kattenmuur

Dan La Vila, waar we vanochtend zijn gestart, meteen het begin van de Mur di Giat. De Kattenmuur. De kuitenbijter van 19% enkele honderden meters lang. Staan en rammen. Ik kom er goed doorheen, niet in de laatste plaats dankzij veelvuldige aanmoedigingen. Dan de laatste vijf kilometer naar de finish. Rammen nu! Al valt dat niet mee met af en toe opspelende kramp. Even staan en dan weer rammen.

In een groepje volle bak naar de finish. Wat een spektakel! Mijn tijd: 6:02. Verdorie net niet die zes uur gehaald. De lichte teleurstelling slaat later om in een zeer grote tevredenheid als blijkt dat ik 71e ben van de 974 deelnemers in mijn leeftijdscategorie en 392e van de ruim 4000 finishers in de langste afstand van 138 kilometer. Dik bij de beste 10% dus. Trots!

Een dag genieten, afzien, ondergaan en weer bovenkomen in het mooiste fietsgebied van de wereld. Heerlijk!

P.S. deze dag was louter voor de sportieve glorie, geen actie voor War Child. Heeft dit verhaal je evengoed geïnspireerd? Doneren aan mijn eerdere actie kan en mag nog!

 

Meer recente cycling blogs

Bezoek Gaul! Noord NL aan TeamUp programma

Op dinsdag 18 juli werden Gaulisten Marco Out, Geert Kamps en Liane de Wit uitgenodigd door Ernst Suur van Warchild, initiatiefnemer van Team Up, bij een Team Up training op het AZC in Ter Apel. Ernst heet ons welkom, samen met Elin Hofman. Zij zal de workshop uiteindelijk geven samen met een collega. In de

Denkend aan de TeamUP tour…..

Wat voel je nadat je in drie dagen meer dan 600 kilometer hebt gefietst om geld voor TeamUp in te zamelen? Trots natuurlijk. We hebben met de sponsoractie al bijna 20.000 euro opgehaald (en de teller loopt nog!). Bovendien beseften we op het Amsterdamse hoofdkantoor van War Child allemaal dat we het samen hadden gedaan.

Nieuwe leden stellen zich voor: Nanette Starreveld

Mijn naam is Nanette Starreveld, 28 jaar en geboren en getogen in Brabant. Zo’n 4 jaar geleden besloot ik dat het tijd was om een racefiets aan te schaffen. Echter had ik toen meerdere hobby’s waardoor het fietsen er vaker bij inschoot dan ik wilde. Typisch gevalletje van vind alles leuk en wil van alles proberen. Na

Nieuwe leden stellen zich voor: Bas Seldenrijk

Tijdens mijn studententijd in het prachtige Groningen heb ik kennis gemaakt met Gaul! Door een samenloop van omstandigheden heb ik echter nooit de kleuren van Gaul kunnen verdedigen daar ik voor andere kleuren koos. Maar als er dan toch iemand van een    ploeg moest winnen dan had ik er wel vrede mee als het iemand

Reacties zijn gesloten.